Ieder mens wil graag zijn persoonlijke ambities realiseren, maar dit kan strijdig zijn met de belangen van de groep. De jacht op persoonlijk succes botst dan met het streven naar groepssucces. Hoe wegen we persoonlijke belangen en groepsbelangen tegen elkaar af?
We lossen deze tweestrijd op door de automotiekring toe te passen: we beperken onze emoties tot degenen die bijdragen aan onze ambities. In de automotiekring staat de eigen "ik" centraal. Dicht daaromheen staan de mensen die het meest bijdragen aan het persoonlijk succes. Mensen die minder bijdragen, krijgen een positie die verder van het centrum verwijderd is. Mensen die niet bijdragen, staan aan de rand. In het centrum is de werking van de automotiekring het grootst, aan de randen het kleinst. Hoe groter de invloed op het bereiken van het levensdoel, hoe sterker de automoties werken.
Automoties zijn gericht op persoonlijk succes. Als ik succes kan boeken door mijn broer te vermoorden, dan doe ik dat. De literatuur staat bijvoorbeeld vol verhalen van koningskinderen die elkaar vermoorden om zelf later koning te worden. De drang naar succes kan de gangbare automotiekring volledig vervormen.
Ons eigen lichaam staat bovenaan in onze prioriteitenlijst en daarmee in het centrum van de automotiekring. Zonder een gezond lichaam kunnen we ons levensdoel niet realiseren. Hier gaan we erg ver in. Als het moet, eten mensen zelfs de eigen kinderen op, zoals de geschiedschrijvingen van de Minoïsche beschaving op Kreta, de Maya’s in Mexico en de oude koninkrijken van Egypte aantonen. Ook in moderne tijden kiezen we voor de moeder als we een keuze moeten maken tussen het overleven van de moeder of het kind.
Uit onderzoek van de doopregisters blijkt dat in Europa van 1500 tot 1800 pasgeboren baby’s veel vaker om het leven werden gebracht dan tot nu toe gedacht.1 Vooral in tijden van hongersnood en infectieziekten vielen er veel piepjonge doden te betreuren. Soms werd de ene helft van een tweeling vermoord vanwege een gebrek aan middelen. In bepaalde streken moesten vooral de meisjes het ontgelden; elders waren het juist de jongetjes die in groten getale werden omgebracht door hun bloedeigen ouders.
Luister naar het lied "Dodenrit" van Drs. P. en beschrijf de regels die ten grondslag liggen aan de opoffering van het gezin in de trojka.
Is ons eigen lichaam veiliggesteld, dan krijgen onze nakomelingen voorrang. Eigen kinderen gaan voor andermans kinderen. We investeren veel tijd en geld in de opvoeding en geven ze een duwtje in de rug bij het zelfstandig gaan wonen. We geven onze kinderen een springplank om de weg naar succes te bewandelen. Komt de uitgezette weg naar succes niet uit, dan manipuleren we de werkelijkheid eerder dan dat we het falen toegeven. Pest ons kind op school, dan ontkennen we dat glashard als een onderwijzer ons daarop wijst: “Nee, mijn kind pest niet. Thuis is hij zo lief.” Ouders hebben daardoor voor negatief gedrag van hun kind vaak een blinde vlek. Ouders zien de ontwikkelingsmogelijkheden van hun kroost liever door een roze bril. Het gedrag van andermans kinderen bespreken we wel, maar het leidt niet snel tot actie. We komen wel snel in actie voor onze eigen kinderen. De organisatie van de meeste sportverenigingen stoelt op deze regel. We zijn bestuurslid zolang onze kinderen bij de sportvereniging spelen.
Als familieleden elkaar ondersteunen en samenwerking vereist is om succes te boeken, dan gaan ze voor anderen. De familie geeft dan een band die ondersteuning biedt in het dagelijkse leven. Hoe meer we elkaar bijstaan, hoe groter de voorrang van familieleden. De band is niet zozeer gebonden aan de genetische verwantschap als wel aan de bijdrage aan toekomstig succes. In primitieve maatschappijen zijn de familiebanden daarom gemiddeld sterker dan in ontwikkelde landen. In ontwikkelde landen hebben familieleden elkaar niet nodig. Ze snijden familiebanden gemakkelijk door wanneer hun persoonlijk succes door de familie in de knoei komt. De familieleden verliezen daardoor hun positie dicht bij het centrum ten gunste van anderen die meer bijdragen aan het persoonlijk succes.
Toegeschreven status is een gevolg van de waarde die andere mensen aan iemand toekennen. Denk aan de waarde die Mahatma Gandhi en Nelson Mandela hadden voor hun volk. Toegeëigende status is het grijpen van de macht en het onderdrukken van mensen die deze macht ter discussie stellen. Voorbeelden hiervan zijn Jozef Stalin en Kim Il-sung. Emoties gelden alleen voor toegeschreven status, niet voor toegeëigende status. De mensheid pinkt daarom wel een traan weg na de dood van Gandhi en Mandela en niet na het overlijden van Stalin en Il-sung.
Na de familie komen mensen die bijdragen aan het bereiken van de persoonlijke ambities. Leden van de 'eigen groep' noemen we ook wel "significante anderen". Ze blijven lid zolang ze bijdragen aan het persoonlijke succes. De eigen groep krijgt hierdoor voorrang boven andere groepen. Hierbij geldt dat wat dichterbij is, zwaarder weegt dan wat verder weg is. “Beter een goede buur, dan een verre vriend” is niet voor niets het gezegde. Bovendien hebben gelijkgezinden voorrang op andersdenkenden. Geloofsgenoten bijvoorbeeld krijgen voorrang op aanhangers van andere geloven. Hetzelfde geldt voor mensen met dezelfde kenmerken; die krijgen de voorkeur boven mensen met andere kenmerken. Zo heeft elke bevolkingsgroep – blank, zwart, geel, paars of rood – voorkeur voor leden van de eigen groep. Blijkbaar is succes gemakkelijker te behalen met mensen die hetzelfde zijn.
Na het eigen lichaam, de nakomelingen, de familie en de eigen groep komen de overige mensen. Menselijk leven gaat voor ander leven. Na de menselijke soort komen dieren. Koeien, varkens, slangen, beren, wolven, enzovoort, zijn ondergeschikt aan het menselijke leven. In een aantal religies is dit zelfs beschreven; soms is de mens aangesteld als beheerder van het dierenrijk, soms staat de mens hoog in de hiërarchie van reïncarnatie.
Complexe levensvormen krijgen vervolgens voorrang op minder ontwikkelde soorten. Dolfijnen gaan voor mieren, apen zijn belangrijker dan muizen. Hoe meer ontwikkeld, hoe meer waarde we eraan toekennen. Niet zichtbare levensvormen, zoals bacteriën en virussen, blijven vijanden, ondanks dat het in werkelijkheid soms vrienden zijn. In de buitenste ring van de automotiekring krijgt de diversiteit van het leven een plaats. We beschermen bij voorkeur unieke soorten.
Het belang van de automotiekring blijkt uit sterftecijfers van kinderen zonder ouders. Tussen 1775 en 1800 werden 10.727 kinderen in de weeshuizen van Dublin opgenomen. Daarvan bereikten slechts 45 de volwassen leeftijd. Oftewel: vier op de duizend kinderen!16.5-1Mensenkinderen! Steven Pont
Elke categorie is te zien als een kring waarbinnen de voorrangsregels gelden. Wie toegang krijgt tot deze kring, krijgt de voordelen die bij automoties horen, zoals bescherming en aandacht. Nederlanders laten normaal geen traan om doodgeschoten Syriërs, Chinezen of Myanmarezen. Mensen van ver weg behoren niet tot onze automotiekring. Totdat we een kind op afstand adopteren en voorzien van geld. We krijgen foto’s en verhalen terug en nemen het kind op in onze automotiekring. Daarna gelden ook voor dit kind alle emotionele voordelen.
Voor huisdieren geldt hetzelfde. Zodra ze tot onze automotiekring zijn toegetreden, krijgen ze voorrang boven andere dieren en zelfs boven mensen. De dood van een huisdier kan ons tot tranen toe beroeren, maar we staan nauwelijks stil bij de honderden mensen die op de wereld omkomen door aanslagen of bij de miljoenen dieren die we dagelijks slachten. Op de vraag “Mag ik hond eten?” antwoorden de meeste Nederlanders “Nee!” Veel mensen hebben een emotionele band met het huisdier en eten het daarom niet. Maar geldt dit ook in tijden van ernstige hongersnoden? Vinden we dan ook dat we geen hond mogen eten? Hebben we in deze situaties dezelfde emoties als in tijden van voorspoed? Nee. Als voedsel extreem schaars is, eten mensen zelfs elkaar op.
afbeelding 31 Automotiekring verbindt persoonlijke ambities met groepsmotieven
De automotiekring beperkt onze inzet tot de onderwerpen die voor onze persoonlijke ambities van belang zijn. Automoties zorgen ervoor dat we onze energie vooral richten op ons eigen succes. Een goed voorbeeld van de werking van en het inzicht in de automotiekring staat in de Bijbel beschreven; uit de Jongerenbijbel, Koningen 3, vers 16 t/m 27:
Kort daarna vroegen twee ongetrouwde vrouwen met kind bij de koning gehoor. De eerste vrouw vertelde: ‘Staat u mij toe, heer, deze vrouw en ik wonen in hetzelfde huis. In dat huis heb ik in haar bijzijn een kind ter wereld gebracht. Drie dagen later kreeg ook zij een kind. Wij waren daar samen; er was niemand anders in huis, alleen wij tweeën. Maar haar kind is ’s nachts doodgegaan, want zij was erop gaan liggen. Toen is ze midden in de nacht opgestaan en heeft ze mijn kind bij me weggenomen, terwijl ik sliep. Ze nam mijn kind in haar armen en legde mij haar dode kind in de armen. Toen ik de volgende ochtend mijn kind wilde voeden, merkte ik dat het dood was. Maar toen ik het nog eens goed bekeek, zag ik dat het niet het kind was dat ik gebaard had.’ ‘Dat is niet waar!’ zei de andere vrouw. ‘Het levende kind is van mij en het dode van jou.’ ‘Niet waar!’ zei de eerste. ‘Het dode is van jou en het levende van mij.’ Zo bepleitten ze ieder hun zaak bij de koning. De koning nam het woord en zei: ‘De een zegt: “Mijn kind leeft en het jouwe is dood,” en de ander zegt: ‘Nee! Het dode kind is van jou en het levende van mij.’ En hij beval: ‘Breng mij een zwaard.’ Er werd hem een zwaard gebracht, en toen zei hij: ‘Hak het levende kind in tweeën en geef hun ieder de helft.’ De echte moeder van het levende kind kon de gedachte dat haar kind iets zou overkomen niet verdragen en riep uit: ‘Nee, heer, ik smeek u, geef het kind aan haar, maar dood het alstublieft niet!’ De ander zei: ‘Als ik het niet krijg, krijg jij het ook niet. Hak het maar doormidden!’ Maar de koning deed de volgende uitspraak: ‘Het zal niet gedood worden. Geef het levende kind aan háár, want zij is de moeder.’
De beslissing van koning Salomo staat bekend als een salomonsoordeel, een oordeel dat getuigt van wijsheid.
Vorige pagina Volgende pagina Inhoudsopgave