In dit boek is ervoor gekozen om de kennisballonnen te presenteren van grootste naar kleinste invloed. We beginnen daarom met een Persoon die een Doel kies, gevolgd door Beïnvloeden en daarna het Waarnemen. Toch wijken we af van deze volgorde, omdat de kennisballon Beïnvloeden voortbouwt op de begrippen die we bij Waarnemen behandelen, zoals tijd en plaats. Daarom bespreken we de kennisballon Waarnemen voorafgaand aan Beïnvloeden.
Waarneming bouwt voort op de fundamentele denkprocessen, zoals beschreven in hoofdstuk 1 tot en met 6, en op het doel van een persoon in een specifieke situatie (hoofdstuk 7, 8 en 9). We vereenvoudigen ons denken door alleen te letten op de essentie en herhaling te verwijdering (hoofdstuk 3). We maken het onthouden gemakkelijker door categorieën van voorwerpen te maken met gelijke kenmerken (hoofdstuk 4). Om ons denken doelmatig om te zetten in actie onderscheiden we kennisfactoren (hoofdstuk 5). We stellen steeds dezelfde vragen (hoofdstuk 6) die leiden het bereiken van gekozen doel (hoofdstuk 9) van een persoon (hoofdstuk 8) in een situatie (hoofdstuk 7). In dit hoofdstuk gaan we dieper in op de invloed van ons oogmerk op onze waarneming, de manier waarop we de wereld structureren en vormen onderscheiden, hoe we vormen in ruimte en tijd plaatsen, en de wijze waarop we gelijkwaardigheid herkennen, wat de basis vormt voor het rekenen.
Waarnemen lijkt vrij eenvoudig. Verschillende zintuigen vertellen ons hoe de wereld in elkaar zit. Het eerste waarnemingsvermogen is het opvangen van trillingen. Ogen vangen elektromagnetische straling op met golflengtes tussen 380 en 800 nanometer. Oren vangen luchttrillingen op in het frequentiebereik van 20 tot 20.000 Hz. De tweede manier is het ontdekken van chemische bindingen. De neus ruikt moleculen en het orgaan van Jacobson neemt feromonen waar. De tong proeft de smaken zoet, zuur, bitter, zout en umami. Het derde waarnemingsvermogen is het ontdekken van zwaartekracht via het evenwichtsorgaan in oor. Het vierde vermogen is de tastzin met de huid. Warmte waarnemen is de vijfde manier, wat we doen met de huid en de organen. Pijnsensatie van het weefsel is de zesde manier. De zevende manier is het waarnemen van de positie van het lichaam.10-1J.A. Stalpers (2013) Illusie als werkelijkheid ISBN 987-90-484-2868-7Mensen missen enkele waarnemingsvermogens die andere dieren wel hebben. Mensen hebben geen warmte ontdekking op afstand (slang), het waarnemen van magnetische velden (vogels), het waarnemen van elektrische velden (vissen), lokalisatie door geluid (vleermuizen) en stromingsdetectie (vissen).
Wat was er eerder? De kip of het ei? Het antwoord is de kip. Fossielen tonen aan dat het ei later ontstonden als beschermingslaag van het broedsel.10-2Baoyu Jiang, Yiming He, Armin Elsler, Shengyu Wang, Joseph N. Keating, Junyi Song, Stuart L. Kearns, Michael J. Benton. Extended embryo retention and viviparity in the first amniotes. Nature Ecology & Evolution, 2023
Een volgende vraag is wat levensvormen eerder deden: bewegen of waarnemen? Bacteriën bewegen naar of weg van een prikkel met fagellen (uitsteeksels). Het blijft een open vraag of het bewegen (bij toeval) eerder is ontstaan dan het waarnemen of dat de volgorde andersom was.
Het waarnemen lijkt eenvoudig, maar is het niet. Elk afzonderlijk waarnemingsproces is bijzonder ingewikkeld. Zien is een mooi voorbeeld. Onze ogen vangen alleen statische beelden op; ze maken als het ware foto's van de wereld om ons heen. Het brein deelt deze foto’s vervolgens op om alle informatie te ontdekken. Tweeëndertig deelsystemen verwerken de foto's tegelijkertijd om beweging, kleur, diepte en vorm te ontdekken.10-3Flip G. Droste (2003) Het neefje van de aap. De schokkende evolutie van de mens.
Ingenieus onderzoek laat zien dat alle visuele deelgebieden zijn georganiseerd in twee verschillende circuits, beide met een specifieke rol. Het ene circuit helpt ons op de wereld te reageren. Dit circuit stuurt elke beweging die we maken, zonder dat we ons daarvan bewust zijn. Het andere circuit herkent voorwerpen, is trager en kost meer energie. Het zet zien om in begrijpen. Door de twee verschillende circuits kan onze hand negeren wat we denken dat onze ogen zien, omdat de hersenen dit apart behandelen. Beslissen en waarnemen zijn twee verschillende processen. Het beslissingsproces minimaliseert voorspellingsfouten, terwijl het waarnemingsproces het herkennen vereenvoudigt door het maken van denkblokken.
Alle zintuigelijke waarnemingen, zoals beeld, geluid, reuk, lichaamsgevoel en smaak, combineren we tot één denkbeeld.
Vorige pagina Volgende pagina Inhoudsopgave