Het woord kringemoties lijkt op het eerste gezicht een vreemde naam voor groepsemoties. Ligt het niet voor de hand om de emoties die ontstaan binnen het routezoekend besturingsmechanisme groepsemoties te noemen? Deze benaming roept echter gemakkelijk het beeld op dat een groep zelf emoties heeft. Dat is niet correct. Emoties ontstaan niet in een groep, maar in afzonderlijke leden. Een groep bestaat uit personen met verschillende persoonlijke ambities, verwachtingen en voorspellingen. De een wil bijvoorbeeld architect worden en de ander presentatrice. Daarom beoordelen ze dezelfde gebeurtenis op verschillende manieren en ervaren zij andere emoties.
Om te benadrukken dat de groep geen emotie kent, maar wel de personen die afhankelijk zijn van de verwachte groepsopvatting, kiezen we voor de aanduiding kringemoties: emoties die een persoon zelf ervaart in de kringen of groepen waarin hij verkeert. Een kring kan bijvoorbeeld een gezin, familie, vriendengroep, school, sportvereniging, geloofsgemeenschap, bedrijf of beroepsgroep zijn. In iedere kring gelden, al dan niet expliciet, bepaalde verwachtingen over gedrag, samenwerking en onderlinge verhoudingen.
Vanuit het ik-perspectief denk ik bijvoorbeeld dat de groep mijn handelen positief of negatief zal waarderen. Op grond van die verwachting voorspel ik welke gevolgen mijn handelen voor mijn positie en mogelijkheden binnen de groep zal hebben. Die voorspelling kan vervolgens een emotie oproepen. Of de groep als geheel werkelijk dezelfde mening heeft, is daarbij niet beslissend. Een groep heeft immers geen eenduidige mening. De leden kunnen verschillend denken over mijn gedrag en over wat wenselijk of onwenselijk is. Alleen de door mij veronderstelde waardering of afkeuring kan rechtstreeks deel uitmaken van mijn eigen emotionele proces.
Wanneer mijn persoonlijke ambities aansluiten bij wat ik als de doelen en verwachtingen van een groep beschouw, kan dat positieve emoties oproepen. Wanneer mijn ambities of gedrag daarmee botsen, kunnen negatieve emoties ontstaan. Daarbij is niet de werkelijke mening van de groep doorslaggevend, maar mijn eigen voorstelling van die mening.
Een groep kent geen gezamenlijke emotie, maar wel een groepsdigma. Het groepsdigma geeft richting aan de normen, waarden, principes en gedragsregels die binnen de groep als uitgangspunt gelden. Deze regels maken het voor groepsleden mogelijk om elkaars gedrag beter te voorspellen. De groepsleden weten daardoor beter welk gedrag de groep waardeert, welk gedrag de groep afkeurt en welke gevolgen afwijkend gedrag met zich meebrengt.
Afwijkingen van groepsregels roepen emoties op wanneer het groepslid de overtreding of de mogelijke gevolgen daarvan belangrijk vindt. Daarom proberen mensen tegenstrijdigheden tussen de eisen van verschillende kringen zoveel mogelijk te beperken. We kiezen onze kringen in de verwachting dat onze persoonlijke ambities verenigbaar zijn met de groepsnormen.
Wanneer een religieuze kring bijvoorbeeld sport op zondag afwijst, sluit iemand zich aan bij een sportvereniging die op zaterdag actief is. Ouders sturen hun kinderen in Nederland naar een school die aansluit bij hun eigen gedachtegoed. Mensen zoeken vrienden, collega's en verenigingen waarin zij zich herkennen en waarin hun verwachtingen voldoende overeenkomen met die van anderen. In die zin gaan we vaak om met mensen die, naar onze verwachting, in belangrijke opzichten op ons lijken.
De normen van een groep betekenen voor het individu een belangrijke vereenvoudiging. Wanneer duidelijk is welke principes als leidraad gelden, hoeft iemand niet iedere keer opnieuw alle morele en sociale vraagstukken zelfstandig op te lossen. De groep biedt een kader voor verwachtingen en voorspellingen. Dat maakt het gedrag van anderen beter voorspelbaar en maakt het gemakkelijker om de mogelijke gevolgen van het eigen handelen in te schatten.
Wanneer een belangrijke groep als normgever wegvalt, kan die voorspelbaarheid verminderen. Bij ontkerkelijking bijvoorbeeld verdwijnen voor gelovigen vanzelfsprekende kaders zonder dat daar onmiddellijk een nieuw, breed gedeeld normenkader voor in de plaats komt. Het is dan onduidelijk welke normen en waarden algemeen worden onderschreven en welk gedrag door anderen positief of negatief wordt beoordeeld.
Dit maakt onze verwachtingen en voorspellingen minder scherp. Wanneer we niet goed kunnen voorspellen hoe anderen zullen reageren of welke gedragsregels in een situatie gelden, is het moeilijker om een route naar de persoonlijke ambities te bepalen. De emotionele beoordeling kan dan eveneens minder richting krijgen. Dit kan bijdragen aan een algemeen gevoel van onbehagen, onzekerheid of ongemak. De kringen waartoe wij ons rekenen, hebben daarom een grote invloed op ons wereldbeeld, onze verwachtingen en de emoties die wij ervaren.
Kringemoties zijn belangrijk, omdat het eigen succes afhankelijk is van de keuzes die de groep maakt. De groep beperkt of vergroot, bijvoorbeeld door samenwerking, steun, erkenning en toegang tot middelen, daarmee de mogelijkheden van een persoon, waardoor kringgerelateerde emoties ontstaan. Draagt een groep niet langer bij aan de persoonlijke ambities, of worden de eisen van de groep te belastend, dan kan een persoon proberen zijn positie binnen de groep te veranderen of de groep verlaten. Het lidmaatschap van een kring heeft immers voordelen, maar kan tegelijkertijd beperkingen opleggen. De routezoeker beoordeelt voortdurend of het functioneren binnen een kring de mogelijkheden om persoonlijke ambities te realiseren vergroot of juist verkleint.
Tabel 19.4 hieronder laat zien hoe het eigen handelen emoties veroorzaakt. Het hoofdcriterium voor deze tabel is het eigen denken en doen, afgezet tegen de persoonlijke ambities en groepsmotieven. Tabel 19.5 belicht hoe emoties ontstaan door het handelen van anderen. In beide tabellen ontstaan de emoties door het functioneren in en van de groep.
| Emoties en gemoedstoestanden door eigen denken en doen | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Ambitie / fundamenteel groepsmotief | Negatief | Positief | ||||
| Verleden | Heden | Toekomst | Verleden | Heden | Toekomst | |
| Lichaam | ||||||
| Krijg kinderen | Verdriet waaronder liefdesverdriet | Verliefd | ||||
| Blijf gezond | ||||||
| Actief en fit | ||||||
| Samenwerking | ||||||
| Help elkaar | Alleen Ontdaan Onthuts Treurig Wantrouwen Ongeïnteresseerd Onverschillig |
Betrokken | ||||
| Deel opbrengst | ||||||
| Begrijp elkaar | Opgelaten Onbehaaglijk Ongemakkelijk |
Aandachtig Betoverd Gefascineerd Geïnteresseerd Geïntrigeerd Gestimuleerd Verdiept Geanimeerd |
||||
| Kom afspraken na | Berouwvol Schuld Schaamte |
|||||
| Status | ||||||
| Jaag succes na | Opgetogen Energiek Enthousiast Geprikkeld tot Gepassioneerd Vrolijk |
Hunkerend Smachtend Ongeduldig Hoopvol Optimistisch Verwachtingsvol Opgewonden Opgewekt Frivool Uitbundig Vurig Levendig Extatisch Geestdriftig Gelukzalig Hartstochtelijk |
||||
| Overtref groepsverwachting | Ontevreden Chagrijnig |
Gespannen Nerveus Zenuwachtig Opgelucht Voldoen Ontspannen Stralend Uitbundig Uitgelaten |
Verlangen Geanimeerd Vervuld |
|||
| Identiteit | ||||||
| Wees zelfverzekerd | Terneergeslagen Wanhopig Lusteloos Verveeld Onzeker Wiebelig |
Opgebeurd Bemoedigd Versterkt |
Vastberaden Zelfbewust Zelfverzekerd Zeker |
|||
| Koester prestaties | Geschrokken Gekwetst Gekweld |
Ontmoedigd Droefgeestig Kwetsbaar Gevoelig |
Trots | |||
| Vier succes | Ongelukkig Triest |
Gelukkig Veilig Vredig Sereen Stil Gecentreerd Gerust Gelijkmoedig Rustig Op mijn gemak |
||||
| Kennis | ||||||
| Wees leergierig | Verwonderd Nieuwsgierig |
|||||
| Toon wijsheid | ||||||
| Emoties en gemoedstoestaanden veroorzaakt door andermans denken en doen | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Ambitie / Fundamenteel groepsmotief | Negatief | Positief | ||||
| Verleden | Heden | Toekomst | Verleden | Heden | Toekomst | |
| Lichaam | ||||||
| Krijg kinderen | ||||||
| Blijf gezond | ||||||
| Actief en fit | ||||||
| Samenwerking | ||||||
| Help elkaar | Onaangenaam verrast Teleurgesteld Ontevreden Geïrriteerd Ontstemd Gefrustreerd Geërgerd |
Boos Vijandig Afstandelijk Apathisch Gelaten Koel Teruggetrokken Vervreemd |
Dankbaar Erkentelijk |
Aangenaam verrast Inspirerend Amuserend Boeiend Geraakt Ontroerend Toegenegen Hartelijk Liefdevol Teder Vol mededogen Vriendelijk Zachtmoedig Warm Open |
||
| Deel voorspoed | ||||||
| Begrijp elkaar | ||||||
| Kom afspraken na | ||||||
| Status | ||||||
| Jaag succes na | ||||||
| Boek succes | ||||||
| Overtref groepsverwachting | ||||||
| Identiteit | ||||||
| Wees zelfverzekerd | Verontwaardigd | Minachting Afkeer |
Bewondering | |||
| Koester prestaties | ||||||
| Vier successen | ||||||
| Kennis | ||||||
| Wees leergierig | ||||||
| Toon wijsheid | ||||||
We kunnen emoties vanuit twee perspectieven bekijken: vanuit ons eigen handelen en vanuit het handelen van anderen. In tabel 19.4 staat het eigen denken en doen centraal: wat betekent mijn handelen voor mijn mogelijkheden binnen deze kring en voor het bereiken van mijn persoonlijke ambities?
De negatieve emoties en gemoedstoestanden in tabel 19.4 ontstaan wanneer iemand verwacht dat zijn eigen handelen zijn mogelijkheden beperkt, zijn positie verzwakt of belangrijke verwachtingen niet haalt. Schuld, schaamte en berouw ontstaan wanneer iemand meent dat hij afspraken of normen heeft geschonden. Onzekerheid, wanhoop of lusteloosheid ontwikkelen zich wanneer het moeilijk wordt om een gewenste positie te bereiken of vast te houden.
Positieve emoties en gemoedstoestanden ontstaan bij het realiseren van persoonlijke ambities binnen een kring. Betrokkenheid kan ontstaan door succesvolle samenwerking, trots door het koesteren van prestaties en geluk of rust door het vieren van succes. Ook enthousiasme, hoop, verwachting en opgetogenheid kunnen ontstaan wanneer iemand voorspelt dat zijn eigen handelen hem dichter bij het beoogde doel brengt. Bij sportwedstrijden geldt dat winnaars van de bronzen medaille meestal gelukkiger zijn dan winnaars van de zilveren medaille.19.4-1William M Hedgcock, Andrea W Luangrath, Raelyn Webster (2021). Counterfactual thinking and facial expressions among Olympic medalists: A conceptual replication of Medvec, Madey, and Gilovich’s (1995) findings. Journal of Experimental Psychology: General, 150(6), e13–e21. Zilverwinnaars grijpen net naast het goud en zijn teleurgesteld. Bronswinnaars zijn blij dat ze een medaille hebben behaald. De inhuldiging van het Nederlands voetbalteam in 1988 is hier ook een voorbeeld van, omdat het team het toernooi erg slecht startte. Het Nederlands voetbal overtrof vervolgens alle verwachtingen en daarom lokte dit kampioenschap veel emoties uit.
In tabel 19.5 staat het denken en doen van anderen centraal: wat betekenen de keuzes en handelingen van andere personen voor mijn persoonlijke ambities en voor mijn mogelijkheden binnen de kring?
Wanneer anderen handelen op een manier die de persoonlijke ambities belemmert, ontstaan negatieve emoties. Iemand kan bijvoorbeeld onaangenaam verrast, teleurgesteld, gefrustreerd, geïrriteerd of boos raken wanneer een ander niet helpt, afspraken niet nakomt of de eigen mogelijkheden beperkt. Ook meer afstandelijke gemoedstoestanden, zoals apathie, gelatenheid, koelheid, teruggetrokkenheid en vervreemding, kunnen ontstaan wanneer iemand geen bruikbare route meer ziet om een gewenste ambitie te realiseren.
Wanneer het handelen van anderen de persoonlijke ambities juist ondersteunt, ontstaan positieve emoties. Dankbaarheid en erkentelijkheid volgen wanneer iemand hulp ontvangt. Een ander kan aangenaam verrassen, inspireren, amuseren of ontroeren. Wanneer iemand samenwerking of onderlinge betrokkenheid als waardevol ervaart, ontstaan gevoelens zoals genegenheid, hartelijkheid, liefde, tederheid, mededogen, vriendelijkheid en warmte.
Het handelen van anderen kan ook leiden tot verontwaardiging, minachting of afkeer wanneer zij in strijd handelen met belangrijke normen of verwachtingen. Omgekeerd ontstaat bewondering wanneer een ander eigenschappen of prestaties toont die iemand als waardevol beschouwt.
In beide tabellen blijft hetzelfde uitgangspunt gelden: de emoties bevinden zich niet in de groep. Emoties ontstaan in een persoon, omdat deze voortdurend voorspelt hoe het eigen handelen en het handelen van anderen zijn mogelijkheden beïnvloeden. De kring vormt daarbij het kader waarbinnen die voorspellingen worden gemaakt. Groepsmotieven, groepsnormen en de verwachte reacties van anderen beïnvloeden de persoonlijke ambities en daarmee de emoties van het individu.
Kringemoties maken zichtbaar dat mensen hun doelen zelden volledig los van anderen kunnen nastreven. Samenwerking, status, identiteit en kennis worden voortdurend beïnvloed door de kringen waarin iemand verkeert. De routezoeker probeert daarom niet alleen een weg te vinden naar persoonlijke ambities, maar ook een weg te vinden door een sociaal landschap van verwachtingen, normen, kansen en beperkingen. De emoties die daarbij ontstaan, geven aan of de verwachte route door dat landschap de persoonlijke mogelijkheden vergroot of juist bedreigt.
Vorige pagina Volgende pagina Inhoudsopgave